Wintertijd vest

Opmerkingen vooraf:

De afmetingen van dit vest zijn gebaseerd op mijn eigen kledingmaat: maat s. Dit vest valt vrij ruim, dus ik denk dat het voor maat M ook wel kan. Voor een grotere maat zul je het aantal steken, het aantal toeren en het aantal bollen garen moeten vermeerderen. Ik vermeld in het patroon waar je dit moet aanpassen voor grotere maten, maar ik kan je niet precies vertellen hoeveel steken/toeren/bollen je moet toevoegen.

Wat heb je nodig voor dit vest in maat s?

  • zeven bollen Royal garen van de Zeeman (ik gebruikte drie bollen groen, twee bollen roze en twee bollen zandkleur)
  • Haaknaald 5,0
  • Steekmarkeerders
  • Stopnaald
  • Schaar

Welke steken gebruik je?

 Voor het vest:

  • l = losse
  • kl = keerlosse
  • v = vaste
  • hst = half stokje
  • rstkv = reliëfstokje voorlangs
  • rstka = reliëfstokje achterlangs

Hoe haak je het vest?

Boord:

Begin met groen

12 lossen opzetten

T1. Begin in de derde steek vanaf de naald. Haak 10 hst.

T2 tot en met 80. 2 kl, 10 hst in achterste lussen

Draai je werk een kwartslag. Je hebt nu de onderste boord gehaakt. Dit is dus de breedte van het vest (voorpanden en achterpanden aan elkaar). Wil je een breder vest, haak dan meer toeren hst in de achterste lussen.

Voorpanden en achterpand

T1. 1 kl, 120 v verdelen
Je haakt hierbij drie vasten over twee toeren (rekensom: 80 x 1,5 is 120).
Haakte je bij de boord meer toeren, verdeel dan meer vasten door het aantal toeren x 1,5 te doen.

Opmerkingen over de rest van  de voorpanden en het achterpand:

  • Vanaf nu is de eerste en laatste steek áltijd een hst.
  • Begin elke toer met twee keerlossen, deze tellen niet mee als steek.

T2. 2 kl, hst

T3. 2 kl, eerste en laatste steek hst. Rest: *rstv, hst*

T4. 2 kl, eerste en laatste steek hst. In elk rstv van de vorige toer een rsta, in elk hst van de vorige toer een hst.

T5. 2 kl, eerste en laatste steek hst. In elk rsta van de vorige toer een rstv, in elk hst van de vorige toer een hst.

T6. 2 kl, eerste en laatste steek hst en rest rsta.

T7. 2 kl, eerste en laatste steek hst. Haak nu een rstv op de plek waar twee toeren hiervoor een hst zat en een hst op de plek waar een rstv zat.

T8. 2 kl, eerste en laatste steek hst. In elk rstv van de vorige toer een rsta, in elk hst van de vorige toer een hst.

T9. 2 kl, eerste en laatste steek hst.  In elk rsta van de vorige toer een rstv, in elk hst van de vorige toer een hst.

T10. 2 kl, eerste en laatste steek hst en rest rsta.

T11. 2 kl. Haak nu een rstv op de plek waar twee toeren hiervoor een hst zat en een hst op de plek waar een rstv zat.

Vanaf nu herhaal je steeds toer 4 tot en met 11.

T12. Zoals toer 4

  • Als het goed is, is de groene baan nu ongeveer 15 centimeter hoog. We maken in totaal vijf banen, dus je vest wordt (5×15) 75 centimeter hoog (vanaf de boord tot de bovenkant van je schouder). Wil je een langer vest, haak dan per kleur meer toeren.
  • Over de kleurwissel: laatste hst van vorige toer (door 3 lussen halen) alvast met nieuwe kleur haken.

Wissel naar zandkleur

T 13 – 32: Beginnen bij toer 5 en na toer 11 weer opnieuw beginnen vanaf toer 4. Eindig met een toer 8.

Wissel naar roze

T 33 – 52: Beginnen bij toer 9 en na toer 11 weer opnieuw beginnen vanaf toer 4. Eindig met een toer 4.

Wissel naar groen

T 53 – 66: Beginnen bij toer 5 en na toer 11 weer opnieuw beginnen vanaf toer 4. Eindig met een toer 10. Hecht niet af.

Opsplitsen: voorpanden en achterpand

De verdeling van de voorpanden en het achterpand is als volgt:

  Aantal steken Rekensom
Achterpand 62 Aantal steken delen door 2, hier 2 bij optellen

(120/2 + 2 = 62)

Steken over 2

 

Laat tussen beide voorpanden en het achterpand één steek die je niet haakt.
(aan elke kant 1 steek)
Voorpand 28 Aantal steken min het aantal steken van het achterpand min het aantal steken die je overhoudt. Deel dit door 2.

(120 – 62 – 2 = 56,

56 / 2 = 28)

Gebruik de rekensom als je meer of minder steken dan 120 haakt.

Eerste voorpand

Haak alleen in de eerste 28 steken en keer dan elke toer je werk.

T 67 – 72: Beginnen bij toer 11 en na toer 11 weer opnieuw beginnen vanaf toer 4. Eindig met een toer 8.

Wissel naar zandkleur

T 73 – 77: Beginnen bij toer 9 en na toer 11 weer opnieuw beginnen vanaf toer 4. Eindig met een toer 5.

T 78: Zoals toer 6, haak de laatste twee steken samen.

T 79: Zoals toer 7.

T 80: Zoals toer 8, haak de laatste twee steken samen.

T 81: Zoals toer 9.

T 82: Zoals toer 10, haak de laatste twee steken samen.

T 83: Zoals toer 11.

T 84: Zoals toer 4, haak de laatste twee steken samen.

T 85: Zoals toer 5.

T 86: Zoals toer 6, haak de laatste twee steken samen.

T 87: Zoals toer 7.

T 88: Zoals toer 8, haak de laatste twee steken samen.

T 89: Zoals toer 9.

Je eindigt met 22 steken (6 minderingen).

Tweede voorpand

Begin met groen.

Hecht aan in de 28e steek vanaf de zijkant. Haak nu hetzelfde stuk als het eerste voorpand. In plaats van de laatste twee steken haak je nu de eerste twee steken samen (Bij T. 78, 80, 82, 84, 86 en 88).

 Achterpand

 Begin met groen.

Hecht aan in de tweede steek naast het eerste voorpand dat je hebt gehaakt, je slaat dus één steek over. Haak in de volgende 61 steken.

T 67 – 72: Beginnen bij toer 11 en na toer 11 weer opnieuw beginnen vanaf toer 4. Eindig met een toer 8.

Wissel naar zandkleur

T 73 – 88: Beginnen bij toer 9 en na toer 11 weer opnieuw beginnen vanaf toer 4. Eindig met een toer 8.

T 89: Zoals toer 9, haak steek 22 en 23 samen en hecht af.

Keer je werk en hecht aan bij de andere zijkant van het achterpand. Je haakt nu één toer aan de ‘verkeerde kant’ van je werk.

T 89: Zoals toer 8, haak steek 22 en 23 samen en hecht af.

Je werk ziet er nu zo uit als op deze foto.

7090e8c7-9ca2-4af2-85fa-e1d299a4651f

Vouw je vest nu dicht met de goede kant naar binnen en haak de schoudernaden dicht (aan elke kant 22 steken).

Mouwen (maak er twee)bade9df7-6a2f-457c-b6ee-c55d7449220d

Haak eerst één mouw. Deze kun je dan losjes in het vest zetten om te kijken of de mouw voor jou de goede verhoudingen heeft ten opzichte van het vest.

Begin met roze

12 lossen opzetten

T1. Begin in de derde steek vanaf de naald. Haak 10 hst.

T2 tot en met 16. 2 kl, 10 hst in achterste lussen

Draai je werk een kwartslag. Je hebt nu boord rondom de pols gehaakt. Is dit te krap, haak dan meer toeren hst in de achterste lussen.

T1. 1 kl, 32 v verdelen (elke steek verdubbelen) (32)
Haakte je bij de boord rondom de pols meer toeren, verdeel dan meer vasten door het aantal toeren x 2 te doen.

T2. 2 kl, hst (32)

Vanaf nu haak je weer het bekende patroon. Opmerkingen vooraf:

  • De eerste en laatste steek is áltijd een hst.
  • Begin elke toer met twee keerlossen, deze tellen niet mee als steek.
  • Let goed op waar je moet meerderen (eerste en laatste steek verdubbelen). Haak bij het meerderen twee hst in een steek.
  • Zodra bij het meerderen drie hst naast elkaar ontstaan, dan kun je bij de eerstvolgende toer het één na laatste en twee na laatste hst meenemen in je patroon en er evt. een rstv of rsta van maken.

T3. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: *rstv, hst* (34)

T4. 2 kl, erste en laatste steek hst. In elk rstv van de vorige toer een rsta, in elk hst van de vorige toer een hst. (34)

T5. 2 kl, eerste en laatste steek hst. In elk rsta van de vorige toer een rstv, in elk hst van de vorige toer een hst. (34)

T6. 2 kl, eerste en laatste steek hst en rest rsta. (34)

T7. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Haak nu een rstv op de plek waar twee toeren hiervoor een hst zat en een hst op de plek waar een rstv zat. (36)

T8. 2 kl, eerste en laatste steek hst. In elk rstv van de vorige toer een rsta, in elk hst van de vorige toer een hst. (36)

T9. 2 kl, eerste en laatste steek hst.  In elk rsta van de vorige toer een rstv, in elk hst van de vorige toer een hst. (36)

T10. 2 kl, eerste en laatste steek hst en rest rsta. (36)

T11. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Haak nu een rstv op de plek waar twee toeren hiervoor een hst zat en een hst op de plek waar een rstv zat. (38)

T12. Zoals toer 4 (38)

T13. Zoals toer 5 (38)

T14. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: Zoals toer 6 (40)

Wissel naar groen

T15. Zoals toer 7 (eerste en laatste steek NIET verdubbelen)  (40)

T16. Zoals toer 8 (40)

T17. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 9 (42)

T18. Zoals toer 10 (42)

T19. Zoals toer 11 (eerste en laatste steek NIET verdubbelen) (42)

T20 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 4 (44)

T21. Zoals toer 5 (44)

T22. Zoals toer 6 (44)

T23. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 7 (46)

T24. Zoals toer 8 (46)

T25. Zoals toer 9 (46)

T26. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 10 (48)

T27. Zoals toer 11 (eerste en laatste steek NIET verdubbelen) (48)

T28. Zoals toer 4 (48)

T29. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 5 (50)

T30. Zoals toer 6 (50)

T31. Zoals toer 7 (eerste en laatste steek NIET verdubbelen) (50)

T32. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 8 (52)

T33. Zoals toer 9 (52)

T34. Zoals toer 10 (52)

Wissel naar zand

T35. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 11 (54)

T36. Zoals toer 4 (54)

T37. Zoals toer 5 (54)

T38. 2 kl, eerste en laatste steek verdubbelen (twee hst in een steek).

Rest: zoals toer 6 (56)

T39. Zoals toer 7 (eerste en laatste steek NIET verdubbelen)  (56)

T40. Zoals toer 8 (56)

T41. Zoals toer 9 (56)

T42. Zoals toer 10 (56)

T43. Zoals toer 11 (eerste en laatste steek NIET verdubbelen) (56)

Hecht af.

Vouw de mouw dicht (met de goede kanten op elkaar) en haak vanaf de boord naar boven de zijkant dicht. Pas hierbij de kleuren van het garen aan op de kleur van de mouw. Als je de zijkant helemaal dicht hebt gehaakt, hecht dan nog niet af. Keer je vest binnenstebuiten en leg de mouw tegen de mouwopening in het vest.
Je kunt het best de mouw van tevoren met steekmarkeerders alvast even vastzetten, zodat je een goede verdeling van steken krijgt en de mouw recht zit. Op dit punt kun je het vest alvast even passen om te kijken of de mouw lang genoeg is en goed zit. Je kunt nu nog heel gemakkelijk toeren in zandkleur toevoegen of een deel uithalen en extra meerderingen maken (als het krap zit). Heb je aanpassingen gemaakt, maak hiervan dan notities en haak de tweede mouw op dezelfde manier.

Haak de mouwen nu in het vest (begin bij de oksel, je wilt dat daar die ‘naad’ komt).

 

Boord:

In groen:

8 lossen opzetten

T1. Begin in de derde steek vanaf de naald. Haak 6 hst.

T2 tot en met … 2 kl, 6 hst in achterste lussen

Haak dit stuk net zo lang dat het aan de binnenkant van je vest (zijkant, nek, andere zijkant) gehaakt kan worden. Doe dit door het op de verkeerde kant van je vest te leggen, vast te spelden en met vasten aan elkaar te haken.

Werk tot slot alle draden weg en klaar is je vest!

Heb je dit vest gemaakt? Ik zou het super vinden als je de foto deelt via Instagram en mij hierin noemt: @crochet.away.with.me

 Liefs, Laura

naam wit

Dit patroon mag niet gebruikt worden voor commerciële doeleinden. Dit patroon is alleen voor eigen gebruik en het is niet toegestaan de inhoud van dit patroon te kopiëren, te delen of door te verkopen.

  • Copyright Laura Pietersma – Crochet away with me 2019